Ambulance
18 February 2008
By on 17:02

Om half vijf ‘s middags stap ik in de ambulance. In Amsterdam is een dialyse-apparaat vrijgekomen, dus kan en moet mijn vader zo snel mogelijk vervoerd worden vanuit het Geminiziekenhuis in Den Helder naar het midden in de hoofdstad gelegen Onze Lieve Vrouwe Gasthuis. De toestand is kritiek te noemen. Behalve de problemen met de nieren zijn er nog drie organen die niet naar behoren functioneren.

Vanaf de allereerste seconde wordt het gaspedaal flink ingedrukt. Haakse bochten worden met 60 km/h genomen, en op de rechtere stukken wordt er flink geaccelereerd. In Den Helder zelf is het gelukkig niet zo druk, en het verkeer dat er is stopt of gaat keurig aan de kant voor de ambulance. Binnen een paar minuten zitten we op de provinciale weg naar Den Oever; pas daar kan de snelweg genomen worden.

Mijn vader ligt op iets dat op een brancard lijkt maar ongetwijfeld een andere naam heeft. Naast hem zit een broeder die hem en de diverse apparatuur rondom hem in de gaten houdt. Af en toe bespreekt hij kort en zakelijk iets met de bestuurder, die verder al zijn aandacht richt op de weg. Ik zit naast hem en wil vooral niet tot last zijn. Ik ben stil en geef mijn zintuigen goed de kost. Op de achtergrond speelt de radio rustige muziek.

Op de provinciale weg is het druk; de avondspits lijkt al een beetje begonnen te zijn. Er zijn vrijwel geen uitwijkmogelijkheden op de tweebaansweg. Onverschrokken trapt de chauffeur het gaspedaal in en haalt met tegemoetkomend verkeer verschillende auto’s in. De sirene zorgt er voor dat de auto’s voor ons zo rechts mogelijk gaan rijden; het zwaailicht zorgt er voor dat het tegemoetkomende verkeer ons van verre ziet. Ook zij gaan zo rechts mogelijk rijden, waardoor er precies voldoende ruimte is om door het midden van de weg te passeren.

De ruimtes zijn niet groot, zeker wanneer we langs brede auto’s of vrachtwagens moeten. Terwijl ik met een schuin oog zie dat we 140 km/h rijden zie ik met mijn andere, al even schuine oog dat we rakelings langs onze medeweggebruikers flitsen. Sommige bestuurders hebben ons kennelijk laat in de gaten en gaan pas op het laatste moment opzij. De ambulance-chauffeur laat geen ogenblik zijn voet van het gas. Ik heb het warm en merk dat ik een droge mond krijg.

Wanneer het even iets rustiger is zegt hij lachend tegen mij dat dat nog eens wat anders is dan normaal autorijden. Kennelijk ziet hij de blik in mijn ogen want hij bezweert dat hij dit gewend is en precies weet wat hij doet. Wel klaagt hij er over dat de mensen tegenwoordig steeds minder goed ruimte geven aan een ambulance. En dat terwijl het soms letterlijk een kwestie van leven en dood is. Met mijn gedachten bij mijn vader achterin kan ik hem alleen maar gelijk geven, en bedenk ik of ik zelf wel eens geen voorrang geef aan een ambulance. Ik kan dat niet bedenken, maar besluit dat dat in ieder geval in de toekomst nooit meer zal gebeuren.

Eenmaal de snelweg bij Den Oever opgedraaid wordt het gaspedaal pas echt ingedrukt. Dat levert geen lastige situaties op want in de kop van Noord-Holland is de snelweg  niet druk. Hierdoor is er wat tijd om te praten. De chauffeur vraagt welke diagnose gesteld is bij mijn vader en hoe lang hij al in het ziekenhuis lag. Ik vertel hem van de multiple-orgaan-stoornis en leg kort uit wat er precies allemaal mis is, en dat het nu al een paar weken duurt zonder duidelijk zicht op een doorbraak of verbetering.

Ons gesprek wordt abrupt afgebroken wanneer het monotone ritme van de piepjes, die de hartslag van mijn vader duidelijk maken, plotseling stopt. De broeder die naast mijn vader zit komt direct in actie, voert snel een aantal handelingen uit, overlegt ondertussen wederom kort en zakelijk met de chauffeur, en pakt tenslotte de defibrillator. Daarmee dient hij mijn vader een paar stroomstoten toe. Na de derde begint het hart van mijn vader weer zelfstandig te kloppen. De broeder geeft hem daarna een injectie met medicamenten voor het hart.

Ondertussen razen we met 180 km/h over de snelweg en begint de weg in de buurt van Purmerend drukker te worden. Af en toe gaan we flink in de remmen doordat automobilisten niet snel genoeg ruimte maken. Met een teken van verontschuldiging schieten ze snel maar laat naar rechts. Gelukkig rijden we de goede kant op; aan de overkant is er al file. De chauffeur belt de politiecentrale en vraagt om begeleiding van motoragenten om snel naar het ziekenhuis te kunnen rijden. Een paar minuten later krijgen we door bij welke afslag van de snelweg er drie motoragenten klaar zullen staan.

Vanaf de noordelijke ringweg moeten we dwars door de stad, via de IJtunnel door hartje Amsterdam. De avondspits is inmiddels begonnen en met de dagelijkse drukte in het hoofd zijn diverse automobilisten vastberaden om iedere tijdwinst te pakken en zich niet te laten ophouden door iets onbeduidends als sirene met zwaailicht. Toch is haast geboden want de ambulance kan niet alle apparatuur herbergen die mijn vader eigenlijk nodig heeft.

De motoragenten maken zich onsterfelijk door hun taak met ware doodsverachting uit te voeren. Ze rijden voor ons uit, waarna er bij ieder kruispunt xe9xe9n stopt om zich voor het aanstormende verkeer te gooien. De gebaren die gebruikt worden zien er agressief uit, maar zijn waarschijnlijk hard nodig om het verkeer echt te laten stoppen. Zodra de ambulance het kruispunt voorbij is, zet de gestopte agent als een bezetene de achtervolging in en scheurt ons voorbij op weg naar een volgend kruispunt. Als een gestroomlijnde machine wisselen de agenten elkaar af zodat de ambulance gewoon door kan rijden.

Vooral op het laatste stuk, op het Meester Visserplein, de Weesperstraat en de Wibautstraat, is het ongelooflijk welke risico’s de agenten nemen. Wat ik allemaal zie gebeuren, daar kan geen actiefilm tegenop. Het is een wonder dat we zonder enig oponthoud naar het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis kunnen rijden. Mijn vader wordt naar binnen gereden, op weg naar de IC, waar een dialyse-apparaat voor hem klaar staat. Terwijl ik er gehaast achter aan loop zie ik op een klok dat het kwart over vijf is. In drie kwartier van Den Helder naar midden in Amsterdam. Het duurt nog twee uur voordat overige familieleden gearriveerd zijn en ik mijn verhaal kwijt kan. Mijn vader is al die tijd niet bij bewustzijn geweest en heeft dus niets gemerkt van de hachelijke rit.

Paul

0 Responses to Ambulance

  1. Heftig..leest als een actieverhaal..Je zou zelf hartkloppingen krijgen van zo’n rit..Hoe is het nu met je vader?

  2. @Mies: dit keer een volledig waar gebeurd verhaal, dat ik nooit zal vergeten. Wel speelde het zich zo’n 7 jaar geleden af. Mijn vader heeft het uiteindelijk niet overleefd.

  3. Frodo, wat vreselijk.
    Tijdens het lezen, kwam het me al zeer reeel over; zeker omdat ik het ook van dichtbij heb meegemaakt.
    7 Jaar is een tijd, maar te kort om geheeld te izjn.
    Goed dat je het op/van je af kunt schrijven.
    Mijn vader heeft het overigens wel overleefd; mijn schoonmoeder nu is afwachten…

    O.T.; jouw liefje is dus naar Rotterdam geweest!
    Hoop dat ze net zo hebben genoten als wij…

  4. @Geertje: het blijft altijd een leegte, maar naarmate de tijd verder gaat leer je er wel mee leven. Dat kan ook nauwelijks anders want je hebt geen keuze. Het leven gaat verder en het heeft natuurlijk geen enkele zin om daarmee te stoppen.

    Ik ben sindsdien wel veel bedachtzamer geworden. Voorheen was ik hard, rationeel en driftig; sindsdien ben ik veel milder geworden. De dood van mijn vader is zeker een soort keerpunt in mijn leven.

    OT: mijn liefje heeft het bijna het hele weekend over Joe Stump gehad, ze heeft dus zeker genoten.

  5. Het leest als een jongensboek al is de aanleiding volwassen en de emoties die daarna kwamen ook.

  6. @jack of hearts: het voelde ook heel onwerkelijk aan, alsof ik midden in een actiefilm zat. Inmiddels zijn de emoties gezakt, maar uiteraard zal ik me deze belevenis altijd blijven herinneren.

  7. Het is hier inderdaad vreselijk druk in de stad. Ondanks mijn rijlessen van vorig jaar en mijn rijbewijs dat zo’n 15 jaar oud is of meer, durf ik niet achter het stuur te gaan zitten. Ik heb diep respect voor die ambulance chauffeurs en motoragenten, die moeten hun werk ook met gevaar voor hun eigen leven doen.

  8. @Henrike: wanneer je je gewoon aan de regels houdt, gebeuren er niet veel gekke dingen op straat hoor. Zeker niet wanneer je een normale afstand houdt tot je voorligger (want mensen die snel voor je schieten hou je altijd).

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>